Naar de inhoud
Steven’s StudyHub

Vensim & System Dynamics: volledige gids

Dit onderdeel geeft een visuele, stapsgewijze uitleg van alle kernconcepten in Vensim: hoe CLD's en SFD's werken, wat reinforcing en balancing loops zijn, hoe je stocks en flows herkent, en hoe je Vensim-formules interpreteert.

22.1 Wat is Vensim?

Vensim is een softwareomgeving voor het bouwen en simuleren van systeemdynamica-modellen. Je gebruikt het voor: CLD tekenen (kwalitatief), SFD bouwen (kwantitatief), simuleren over de tijd, en grafieken genereren.

Gratis versie

Vensim PLE (Personal Learning Edition) is gratis beschikbaar op vensim.com. In BAFRO gebruik je Vensim PLE voor Assignments 2 en 3. Tip: neem screenshots met de 'lock'-tool ingeschakeld: dit geeft een cleaner beeld.

22.2 Polariteit van causale relaties

TekenAlternatiefWanneer gebruiken?Voorbeeld
+S (Same)A stijgt → B stijgt; A daalt → B daalt (zelfde richting)Meer marketing → meer bekendheid
−O (Opposite)A stijgt → B daalt; A daalt → B stijgt (tegengesteld)Hogere prijs → lagere vraag
|| op pijlDelayEr zit een tijdsvertraging in de causale relatieInvestering → na 6 maanden effect
Veelgemaakte fout

Polariteit geeft de RICHTING aan, niet of de relatie goed of slecht is voor de organisatie. 'Meer kosten → minder winst' is een negatieve (−) relatie: niet omdat kosten slecht zijn, maar omdat de richting tegengesteld is. Test altijd: als A stijgt terwijl al het andere gelijk blijft, wat doet B?

22.3 Reinforcing feedbackloop (R)

Definitie reinforcing loop (R)

Een initiële stijging in variabele A leidt, via een keten van relaties, tot een verdere stijging van A; een daling tot verdere daling. Systeemgedrag: exponentiële groei of verval. Herkenningsteken: EVEN aantal negatieve (−) pijlen in de loop (inclusief nul).

Geld op rekening Rente-inkomsten + + R Bankrekening met samengestelde rente: de stock beïnvloedt zijn eigen inflow → exponentiële groei

Hoe de bankrekening-loop werkt: (1) geld op rekening neemt toe → (2) meer rente-inkomsten (+) → (3) rente stroomt terug in de stock (+) → (4) de loop versterkt zichzelf: groei versnelt exponentieel.

Naam loopMechanismeWaarschuwing
ReputatiespiraalMeer klanten → meer mond-tot-mond → nog meer klanten → hogere omzet → betere service → meer klantenWerkt ook negatief: slechte reputatie → minder klanten → minder investeringen → slechtere service
Marktaandeel-loopMeer marktaandeel → schaalvoordelen → lagere kosten → lagere prijs → meer marktaandeelLeidt tot monopolievorming (Success to the Successful)
Kennis-loopMeer medewerkers → kennisuitwisseling → innovatiesnelheid → betere producten → meer klanten → meer medewerkersKwetsbaar: lekt kennis weg (verloop), dan slaat de loop om
SchuldenspiraalMeer schuld → rentelasten → minder vrije cashflow → minder investeringen → lagere omzet → meer schuldEen versterkende neerwaartse spiraal: even gevaarlijk

22.4 Balancing feedbackloop (B)

Definitie balancing loop (B)

Een initiële stijging in A leidt, via een keten met een ONEVEN aantal negatieve relaties, tot een daling van A. Het systeem corrigeert zichzelf richting een doel. Systeemgedrag: doelzoekend, stabiliserend.

Kamertemperatuur Kachel aan/uit − + B Thermostaat: stuurt richting het setpoint; met vertraging (||) ontstaat oscillatie

Hoe de thermostaat-loop werkt: kamertemperatuur daalt onder het setpoint → kloof (gewenst − werkelijk) neemt toe (+) → kachel gaat aan (+) → temperatuur stijgt (+) → kloof neemt af (−) → kachel uit → systeem stabiliseert richting setpoint.

Naam loopDoel (setpoint)Mechanisme
Slaap-loopGewenst energieniveauVermoeidheid groeit → slaapdrang neemt toe → gaan slapen → vermoeidheid daalt
Werknemers-loopGewenst personeelsaantalTekort → meer werving → personeelsaantal stijgt → tekort daalt
VoorraadbeheerGewenst voorraadniveauInventaris onder doel → bestelling → levering na vertraging → inventaris stijgt
MarktverzadigingMaximale marktpenetratieMeer klanten → minder potentiële nieuwe klanten → groeisnelheid daalt
PrijsaanpassingEvenwichtsprijsVraag > aanbod → prijs stijgt → vraag daalt → naar evenwicht

22.5 Gecombineerde loops & polariteitsregel

De meeste systemen bevatten zowel R- als B-loops; het gedrag hangt af van welke loop op dat moment domineert. Voorbeeld bevolkingsmodel: R1 (geboorteloop) versterkt groei, B1 (sterfteloop) corrigeert: afhankelijk van de relatieve sterkte ontstaat exponentiële groei, een S-curve of afname.

Polariteitsregel: examen! (tel de negatieve pijlen)
0 negatieve pijlen → R-loop (reinforcing)
1 negatieve pijl   → B-loop (balancing)
2 negatieve pijlen → R-loop (twee negatieven = positief netto-effect)
3 negatieve pijlen → B-loop

Stelregel: EVEN = R-loop  |  ONEVEN = B-loop
Bewijs:  − × − = +  (twee negatieven heffen elkaar op → R)
         + × − = −  (één negatief → correctie = B)
ScenarioDominante loopGedragspatroon
R > BReinforcingExponentiële groei of verval
B > RBalancingExponentiële afvlakking richting doel
R dan B (met limiet)R → BS-vormige groeicurve
B-loop met vertragingBalancing + delayOscillatie / gedempt schommelen
R-loop + vertraagde BR eerst, dan B te laatOvershoot & collapse
Inflow = outflowBalansDynamisch evenwicht (stock verandert niet)

22.6 Vertragingen (delays): het verborgen gevaar

Vertragingen zitten tussen actie en reactie en zorgen dat het systeem trager reageert dan betrokkenen verwachten: met overshoot of te vroeg stoppen als gevolg. Een B-loop zonder vertraging wordt snel stabiel; een B-loop met vertraging (||) gaat oscilleren omdat de correctie te laat komt.

Type vertragingBeschrijvingVoorbeeld
PerceptievertragingTijd om een verandering waar te nemenManager merkt na 2 weken dat de verkoop is gedaald
BeslissingsvertragingTijd van waarneming naar beslissingVergadering gepland voor volgende week
ImplementatievertragingTijd om de beslissing uit te voerenNieuwe medewerker is pas na 3 maanden operationeel
LeveringsvertragingTijd tussen bestelling en ontvangstFabriek levert onderdelen na 6 weken
MateriaalvertragingTijd die een product in een stock zitAuto's staan gemiddeld 45 dagen in het depot
Vertragingen in Vensim

Teken || op de pijl waar een vertraging zit in je CLD. In een SFD modelleer je vertragingen via een INTEG-formule waarbij de verandering langzaam inloopt:

Change in perceived sales = (Sales - Perceived sales) / Perception delay

Dit patroon, (werkelijke waarde − gepercipieerde waarde) / vertraging, is het meest gebruikte vertraagpatroon in BAFRO.

22.7 SFD-bouwstenen: stocks, flows, auxiliaries, clouds

ElementVensim-symboolDefinitieTestmethode
Stock (niveau)Rechthoek ▭Accumulatie van een hoeveelheid; geheugen van het systeem. Kan ALLEEN via flows veranderen.Snapshot-test: kun je het op moment t meten?
Flow (rate)Pijl met kraan ⇒Snelheid waarmee een stock verandert. Eenheid: [stock]/[tijd].Kun je het alleen over een periode meten?
CloudWolk ◌Bron of sink buiten de systeemgrens; oneindig groot.Vertegenwoordigt de onvolledige werkelijkheid van het model
AuxiliaryCirkel ○Tussenliggende variabele; accumuleert niet, kan onmiddellijk veranderen.Formule hangt af van stocks, flows of constanten
Info-linkGestippelde pijlInformatieverbinding: geen materiaalstroom, alleen stuurinformatie.Van auxiliary/stock naar flow of andere auxiliary

22.8 SFD-voorbeeld: bankrekening met reinforcing loop

// Vensim-formules bankrekening-model:
Geld_op_rekening = INTEG(Rente_inkomsten, 1000)
  → Stock: begint bij €1000, groeit via de inflow
Rente_inkomsten = Geld_op_rekening * Rentepercentage
  → Flow: [€/jaar] = [€] × [1/jaar]
Rentepercentage = 0.05
  → Auxiliary/constante: 5% per jaar [1/jaar]

// Eenhedencheck:
  Stock: €  |  Flow: €/jaar  |  Aux: 1/jaar
  Rente_inkomsten = € × (1/jaar) = €/jaar  ✓

// Simulatieresultaten:
  t=0: €1.000  |  t=10: €1.629  |  t=20: €2.653  |  t=30: €4.322

22.9 Auto-dealer SFD: hét examenmodel (business inventory)

Het Business Inventory-model van een auto-dealer is het primaire examenmodel in BAFRO. Begrijp elke variabele en elke formule: het examen stelt hier directe vragen over. Het model bevat twee B-loops: B1 (inventory management) en B2 (perceptie-aanpassing); de STEP-functie simuleert een plotselinge stijging in vraag op dag 26.

// Auto-dealer: alle formules (examen!)
Customer_demand = 20 + STEP(2, 26)
  → tot dag 26: 20 auto's/dag | vanaf dag 26: 22 auto's/dag
Perceived_sales = INTEG(Change_in_perceived_sales, Sales)
  → stock: geheugen van de waargenomen verkoop | beginwaarde = Sales
Change_in_perceived_sales = (Sales - Perceived_sales) / Perception_delay
  → flow: past Perceived_sales langzaam aan (Perception_delay = bv. 8 dagen)
Desired_inventory = Desired_coverage * Perceived_sales
  → auxiliary: gewenste voorraad op basis van perceptie
Inventory_adjustment = (Desired_inventory - Inventory) / Adjustment_time
  → auxiliary: hoe snel de inventaris wordt bijgesteld
Desired_acquisitions = MAX(0, Customer_demand + Inventory_adjustment)
  → auxiliary: gewenste bestellingen (nooit negatief)
Acquisitions = Desired_acquisitions [na Response_delay]
  → inflow: werkelijke aanvoer van auto's (met vertraging)
Sales = MIN(Customer_demand, Inventory)
  → outflow: werkelijke verkoop (beperkt door beschikbaarheid)
VariabeleTypeEenheidRol in het systeem
InventoryStockauto'sCentrale stock: het voorraadniveau
Perceived salesStock (informatie)auto's/dagGeheugen: wat de manager denkt dat de verkoop is
Customer demandAuxiliary (exogeen)auto's/dagDrijvende factor: plotselinge stijging via STEP(2,26)
SalesFlow (outflow)auto's/dagWerkelijke afzet: beperkt door voorraad
AcquisitionsFlow (inflow)auto's/dagBestellingen die aankomen na response delay
Desired inventoryAuxiliaryauto'sDoelwaarde voor de voorraad: beïnvloed door B1
Inventory adjustmentAuxiliaryauto's/dagCorrectiesnelheid richting desired inventory
Perception delayParameterdagenLeverage point 9: hoe snel de manager de markt waarneemt
Response delayParameterdagenVertraging in de toeleveringsketen
Examenvragen 9 & 10: uitgelegd

Vraag 9: evenwichtstype vóór dag 26? → DYNAMISCH evenwicht: Perceived sales integreert voortdurend (INTEG!), maar nettoverandering = 0. Niet statisch, want er ís beweging. Antwoord: C

Vraag 10: AI helpt de manager zijn perceptie te verbeteren; waar heeft dat effect? → DESIRED INVENTORY: AI helpt bepalen hoeveel hij WIL hebben. Niet perception delay (waarnemingssnelheid), niet customer demand (extern), niet response delay (logistiek). Antwoord: D

Vraag 4 (koffiemodel): stock zonder inflow? → kan alleen gelijk blijven of DALEN. Antwoord: C

22.10 Vensim-formules: volledige referentie (examen!)

// INTEG: definieert een stock
Stock_naam = INTEG(Inflow - Outflow, Beginwaarde)
Bevolking = INTEG(Geboorten - Sterftes, 1000000)
Capital   = INTEG(Investment - Depreciation, 5)

// STEP: plotselinge stap in een variabele
STEP(hoogte, starttijd)
Customer_demand = 20 + STEP(2, 26)
  → t=0..25: 20  |  t≥26: 22

// MIN & MAX: begrenzing van waarden
Investment = MIN(Growth_goal, Profit)      → nooit meer investeren dan winst
Sales = MIN(Customer_demand, Inventory)    → nooit meer verkopen dan voorraad
Desired_acquisitions = MAX(0, Demand + Inventory_adj) → nooit negatief

// Vertraagpatroon: perceptie bijwerken
Change_in_X = (Werkelijk - Perceived_X) / Delay
Change_in_perceived_sales = (Sales - Perceived_sales) / 8
  → Sales=25, Perceived=20 → Change = (25-20)/8 = 0,625 auto/dag

22.11 Snapshot-test & eenhedencheck

Snapshot-test: stock of flow?

Bevries het systeem op tijdstip t en neem een foto. Kun je de waarde op precies dat moment meten = STOCK (bv. hoeveel mensen wonen er nu in Amsterdam?). Alleen over een periode meetbaar = FLOW (bv. hoeveel mensen zijn er dit jaar geboren?).

Speciale gevallen: informatie is óók een stock (accumuleert, heeft persistentie); 'perceived sales' = stock (geheugen van de manager); rentepercentage = auxiliary (geen geheugen, verandert onmiddellijk).

Eenhedencheck: altijd uitvoeren!
REGEL: [Stock-eenheid] / [Tijdseenheid] = [Flow-eenheid]

Bevolkingsmodel:                  Bankrekening:
 Stock:  Bevolking [personen]      Stock: Geld [€]
 Inflow: Geboorten [pers/jaar] ✓   Inflow: Rente [€/jaar] ✓
 Aux:    Geboorte% [1/jaar] ✓      Aux: Rente% [1/jaar] ✓
 Check:  personen × 1/jaar         Check: € × 1/jaar
         = personen/jaar ✓                = €/jaar ✓

Niet-tastbare variabelen: gebruik 'dimensionless' of verzin een eenheid ('reputatie-units'). Zolang inflow/outflow dezelfde eenheid/tijd heeft als de stock, klopt het.

22.12 Een CLD stap voor stap bouwen

StapWat doe je?Vensim-tool
1. Probleem centraalZet de centrale variabele als eerste in het middenVariable
2. Variabelen identificeren5-10 relevante variabelen; altijd zelfstandige naamwoordenVariable
3. Causale verbandenVerbind variabelen met pijlen; bepaal per pijl de polariteitArrow met +/− label
4. Loops identificerenWelke kringen zijn er? Tel de negatieve pijlen → R of BVisueel doorlopen
5. Loops labelenR1, B1, … met een beschrijvende naamText label
6. Vertragingen toevoegen|| op pijlen met significant tijdsverschilDelay marking
7. Graph over timeWat verwacht je qua gedrag? Hope/Fear/TrendExtern (met de hand)
8. Externe trendsMinstens 2 PESTELE-trends als drijvende factorenVariable + Arrow

22.13 Volledig CLD-voorbeeld: Fresh Daily supermarkt

Het Fresh Daily-voorbeeld loopt door de hele cursus. De structuur: R1 = groeikring (klanten → omzet → kwaliteit → aantrekkelijkheid → klanten); B1 = kwaliteitsbalans (kwaliteit ↑ → voedselverspilling ↓ → winst → budget → kwaliteit); externe druk: concurrentie.

LoopTypeVariabelenreeksGedrag
R1 (groeikring)ReinforcingAantal klanten → omzet → winst → budget verse prod. → kwaliteit prod. → aantrekkelijkheid → aantal klantenGroei: meer klanten → meer middelen → betere producten → nog meer klanten
R1 negatief (vervalspiraal)ReinforcingIdem, in neerwaartse richtingVerval: minder klanten → minder budget → slechtere kwaliteit → nog minder klanten
B1 (kwaliteitsbalans)BalancingKwaliteit prod. → voedselverspilling (−) → winst (−) → budget → kwaliteitCorrigeert: kwaliteit te hoog → minder verspilling → meer budget → kwaliteit stabiliseert
B2 (serviceloop)BalancingAantal klanten → medewerkers → servicekwaliteit → aantrekkelijkheid → klantenCorrigeert via personeel: meer klanten vraagt meer servicecapaciteit

Interventies op basis van het CLD (gekoppeld aan leverage points):

  • Leverage 12 (parameters): hogere lonen om personeelsverloop te verlagen → betere servicekwaliteit
  • Leverage 11 (buffers): grotere financiële buffer als reserve
  • Leverage 10 (S&F-structuur): caféproducten maken van overschotten → voedselverspilling omzetten in inkomsten
  • Leverage 6 (informatie): app met versaanbod en aanbevelingen → klantbetrokkenheid vergroten
  • Leverage 2 (paradigma): van 'lokaal is niche' naar 'lokaal is premium' → prijspositie versterken

22.14 Gedragspatronen herkennen: graphs over time

Het examen vraagt je om, gegeven een SFD-structuur, het bijbehorende gedragspatroon te herkennen. Oefen met het koppelen van loop-structuren aan gedragsgrafieken:

Exponentiële groei
Goal seeking
S-curve
Oscillatie
Overshoot & collapse
Dynamisch evenwicht
PatroonVeroorzaakt doorHerkend aanVensim-structuur
Exponentiële groeiR-loop (inflow van stock)Steeds sneller stijgende curveStock × rate = inflow
Exponentieel vervalR-loop (outflow van stock)Steeds sneller dalende curveStock × decay rate = outflow
Goal seekingB-loop met doelAanpassing richting doelDesired − Actual → correctieve flow
OscillatieB-loop met vertraging (||)Schommelingen rond een doelLange delay in B-loop
S-curveR-loop → B-loop (limiet)Groei die afvlakt bij grensR-loop + verzadigings-B-loop
Overshoot & collapseR-loop + vertraagde B-loopSnelle stijging, dan abrupte instortingR-loop met delayed penalty
Dynamisch evenwichtInflow = outflowVlakke lijn (stock verandert niet)INTEG waarbij net-flow ≈ 0

22.15 Van CLD naar SFD: stap voor stap

StapActieVoorbeeld (Fresh Daily)
1. Eenheden specificerenStel de eenheid in van elke variabeleAantal klanten [personen], omzet [€/maand]
2. Stocks identificerenWat accumuleert? Wat kan gemeten worden op t=x?Aantal klanten, financieel kapitaal, voorraad, workforce
3. Flows identificerenWat verhoogt of verlaagt de stock?Nieuwe klanten (inflow), vertrekkende klanten (outflow)
4. Auxiliaries toevoegenWelke tussenliggende variabelen beïnvloeden de flows?Klanttevredenheid, servicekwaliteit, aantrekkelijkheid
5. Verbindingen leggenInfo-links van auxiliaries naar flows en stocksKlanttevredenheid → klantbehoud (flow)
6. Eenheden controlerenInflow-eenheid = stockeenheid / tijdseenheidNieuwe klanten [personen/maand] voor stock [personen]
7. Loops identificerenWelke R- en B-loops zitten er in het SFD?R1: klanten → omzet → kwaliteit → klanten
Vuistregels
  • Gebruik 3-5 stocks in je SFD (groepsopdracht-vereiste).
  • Elke stock heeft minimaal één inflow en/of outflow.
  • Stocks kunnen NOOIT direct worden beïnvloed door een variabele: altijd via een flow.
  • Informatie (perceptie, kennis) is ook een stock: het heeft persistentie.
  • Zachte variabelen (reputatie, motivatie) zijn ook stocks: kies zelf een eenheid.

22.16 Meest gemaakte fouten in Vensim / CLD / SFD

Categorie✗ Fout✓ CorrectReden
Variabelennaam CLDKlantenAantal klantenEntiteiten zijn geen dynamische grootheden
Variabelennaam CLDDe prijs is hoogHoogte van de prijsOordeel: niet neutraal of dynamisch
Stock direct beïnvloedenPijl van aux direct naar stockAux beïnvloedt flow, flow beïnvloedt stockStocks veranderen ALLEEN via flows
Stakeholder in CLD'Leveranciers' als variabele'Inkoop van grondstoffen'Stakeholders → hun acties
EenhedenInflow [€] voor stock [€]Inflow [€/jaar] voor stock [€]Flow-eenheid = stock/tijd
Loop-labelGeen labels op loopsR1, B1 met beschrijvende naamLeesbaarheid + correctheid vereist
PolariteitPijl zonder + of −Elke pijl heeft + of −Essentieel voor loop-type
VertragingDirecte pijl tussen actie en effect|| op de pijl waar vertraging zitCruciaal voor gedrag
SpaghettidiagramTe veel variabelen, onleesbaarGefocust: 5-10 variabelen per CLDCLD moet communiceren, niet imponeren
Cloud vergetenStocks zonder bron/sinkClouds toevoegen aan systeemgrensModel heeft een scope
INTEG fout gespeldCapital = INTEGRATE(…)Capital = INTEG(…, beginwaarde)Exacte Vensim-syntax vereist
Beginwaarde vergetenCapital = INTEG(flow)Capital = INTEG(flow, 5)Zonder beginwaarde is t=0 ongedefinieerd

22.17 Vensim-checklist: groepsopdracht (Assignment 2)

CheckCLDSFD
VariabelenZelfstandige naamwoorden? Kunnen ze stijgen/dalen?Zelfde + eenheden vermeld?
PijlenElke pijl heeft + of − polariteit?Onderscheid info-link vs. materiaalstroom?
LoopsAlle loops gelabeld (R1, B1, …)?Zelfde loops als in het CLD?
Vertragingen|| waar relevant?Vertraagpatroon in de formule?
Stocksn.v.t.3-5 stocks? Snapshot-test toegepast?
Flowsn.v.t.Eenheden = stock/tijd?
Cloudsn.v.t.Alle stocks hebben bron/sink?
Externe trendsMinstens 2 PESTELE-trends geïntegreerd?Idem
LeesbaarheidGeen spaghetti? Labels leesbaar?Goed georganiseerd?
OnderzoeksvraagKun je de RQ beantwoorden met dit diagram?Idem
StakeholdersVia hun acties (niet als entiteit)?Idem
Laatste tips voor Vensim
  • Screenshots met de 'lock'-tool ingeschakeld: cleaner beeld zonder bewerkingssymbolen.
  • Label je feedbackloops expliciet ín Vensim (Text-element) zodat ze zichtbaar zijn in je screenshot.
  • Sla altijd op! Vensim PLE crasht soms: gebruik versienummers: model_v1.mdl, model_v2.mdl.

Modellen bij dit hoofdstuk

BAFRO · SFD GEDRAGSPATRONEN 6 gedragspatronen (graphs over time) Exponentiële groei R-loop domineert Goal seeking B-loop, geen vertraging S-vormige groei R-loop → B-loop (limiet) Oscillatie B-loop met vertraging (||) Overshoot & collapse R-loop + vertraagde B-loop Dynamisch evenwicht inflow = outflow Het examen vraagt je om, gegeven een SFD-structuur, het bijbehorende gedragspatroon te herkennen. Dynamisch evenwicht ≠ statisch evenwicht: de stock verandert niet, maar er ís beweging (in- en uitstroom lopen door). Examenmodel: auto-dealer business inventory · collegestof BAFRO (Vensim & System Dynamics gids)

6 gedragspatronen (graphs over time): Exponentiële groei (dominante R-loop), goal seeking (B-loop zonder vertraging), S-vormige groei (R-loop plus beperkende B-loop), oscillatie (B-loop met vertraging), overshoot & collapse (R-loop plus vertraagde B-loop) en dynamisch evenwicht (inflow = outflow, stock verandert niet maar er is wel beweging).

BAFRO · HÉT EXAMENMODEL Auto-dealer SFD (business inventory) Acquisitions (inflow) Inventory Sales (outflow) Customer demand = 20 + STEP(2, 26) Perceived sales Change in perceived sales Desired inventory Inventory adjustment Desired acquisitions B1 B1 (inventory management): Inventory → Desired acquisitions → Acquisitions → Inventory (corrigeert voorraad) B2 (perceptie-aanpassing): Sales → Perceived sales → Desired inventory → Inventory adjustment (loopt vertraagd) Perceived_sales = INTEG(Change_in_perceived_sales, Sales) · Change = (Sales − Perceived_sales) / Perception_delay Voor dag 26: DYNAMISCH evenwicht (Perceived sales integreert, maar netto-verandering ≈ 0) · STEP(2,26) verstoort dit. Het primaire examenmodel in BAFRO: ken elke variabele en formule · collegestof BAFRO (Vensim & System Dynamics gids)

Auto-dealer SFD (hét examenmodel): Het primaire examenmodel: Inventory (stock) met Acquisitions (inflow) en Sales (outflow, begrensd door voorraad). B1 corrigeert de voorraad via Desired acquisitions. B2 past Perceived sales vertraagd aan op de werkelijke Sales. Vóór dag 26 (STEP-functie) is er dynamisch evenwicht.

Andere hoofdstukken van Business Analysis for Responsible Organisations

Test jezelf met oefenvragen